Column: Chef Globalisering
Klantvriendelijk?
Evert Nieuwenhuis
Internationale Samenwerking, 1 september 2009
Elke maand belicht Evert Nieuwenhuis in het tijdschrift Internationale Samenwerking een actuele, mondiale kwestie.
Tromgeroffel in Washington: het Internationaal Monetair Fonds (IMF) kondigde vorige maand een omvangrijk pakket noodkredieten aan om arme landen door de crisis heen te helpen. Tot 2014 leent het IMF maar liefst 17 miljard dollar (ruim 12 miljard euro) extra uit aan arme landen. Dit komt bovenop de verviervoudiging van de uitstaande leningen ten opzichte van vorig jaar. Volgens IMF-chef Dominique Strauss-Kahn is de reddingsactie ‘historisch’ en ‘ongeëvenaard’. Minister Bert Koenders voor Ontwikkelingssamenwerking was vol lof over zoveel daadkracht.
Maar is het extra geld, waarvoor het IMF zelfs een deel van zijn goudvoorraad verkoopt, inderdaad goed nieuws voor arme landen?
Op het eerste gezicht natuurlijk wel. Arme landen zijn hard geraakt door de gevolgen van de kredietcrisis waar zij part noch deel aan hadden. Bijna overal stortte de export in van goederen als cacao, koffie en leer. Buitenlandse banken trokken hun geld terug en geëmigreerde familieleden sturen minder geld naar huis. Deze financiële malaise komt bovenop de voedsel- en brandstofcrisis die nog altijd voor tientallen procenten aan koopkrachtverlies zorgt onder ‘s werelds armste mensen. De miljarden van het IMF moeten overheden helpen om deze klappen op te vangen.
Toch wringt het enthousiasme waarmee het IMF – dat tot voor kort werkloos was omdat de wereldeconomie floreerde – geld uitleent. Zo zijn de voorwaarden van de kredieten boterzacht. Tot 2011 hoeven de debiteuren geen rente te betalen en daarna gelden permanent lage rentetarieven. Condities worden ‘flexibeler’ en de meeste arme landen kunnen twee keer meer lenen dan voorheen. In Afrika wordt bijvoorbeeld ruim drie keer meer geld uitgeleend dan vorig jaar.
Nog geen vier jaar geleden werd in Gleneagles (denk aan Live8) besloten om de armste landen voor circa 40 miljard dollar aan schulden kwijt te schelden. De gevolgen waren overal merkbaar: in Zambia werden duizenden onderwijzers aangenomen en een land als Rwanda had miljoenen extra te besteden aan armoedebestrijding. Bijna de helft van deze kwijtschelding gaat het IMF nu opnieuw uitlenen.
Daags na de presentatie van de extra leningen, waarschuwde het IMF dat rijke landen zich te zwaar in de schulden steken om de recessie te bezweren. Duurzaam herstel zou hierdoor gevaar lopen. Helaas vergat het fonds die waarschuwing ook te geven aan haar eigen klanten: arme landen.

© Evert Nieuwenhuis
 
Column: Chef Globalisering
Klantvriendelijk?
Evert Nieuwenhuis
Internationale Samenwerking, 1 september 2009
Elke maand belicht Evert Nieuwenhuis in het tijdschrift Internationale Samenwerking een actuele, mondiale kwestie.
Tromgeroffel in Washington: het Internationaal Monetair Fonds (IMF) kondigde vorige maand een omvangrijk pakket noodkredieten aan om arme landen door de crisis heen te helpen. Tot 2014 leent het IMF maar liefst 17 miljard dollar (ruim 12 miljard euro) extra uit aan arme landen. Dit komt bovenop de verviervoudiging van de uitstaande leningen ten opzichte van vorig jaar. Volgens IMF-chef Dominique Strauss-Kahn is de reddingsactie ‘historisch’ en ‘ongeëvenaard’. Minister Bert Koenders voor Ontwikkelingssamenwerking was vol lof over zoveel daadkracht.
Maar is het extra geld, waarvoor het IMF zelfs een deel van zijn goudvoorraad verkoopt, inderdaad goed nieuws voor arme landen?
Op het eerste gezicht natuurlijk wel. Arme landen zijn hard geraakt door de gevolgen van de kredietcrisis waar zij part noch deel aan hadden. Bijna overal stortte de export in van goederen als cacao, koffie en leer. Buitenlandse banken trokken hun geld terug en geëmigreerde familieleden sturen minder geld naar huis. Deze financiële malaise komt bovenop de voedsel- en brandstofcrisis die nog altijd voor tientallen procenten aan koopkrachtverlies zorgt onder ‘s werelds armste mensen. De miljarden van het IMF moeten overheden helpen om deze klappen op te vangen.
Toch wringt het enthousiasme waarmee het IMF – dat tot voor kort werkloos was omdat de wereldeconomie floreerde – geld uitleent. Zo zijn de voorwaarden van de kredieten boterzacht. Tot 2011 hoeven de debiteuren geen rente te betalen en daarna gelden permanent lage rentetarieven. Condities worden ‘flexibeler’ en de meeste arme landen kunnen twee keer meer lenen dan voorheen. In Afrika wordt bijvoorbeeld ruim drie keer meer geld uitgeleend dan vorig jaar.
Nog geen vier jaar geleden werd in Gleneagles (denk aan Live8) besloten om de armste landen voor circa 40 miljard dollar aan schulden kwijt te schelden. De gevolgen waren overal merkbaar: in Zambia werden duizenden onderwijzers aangenomen en een land als Rwanda had miljoenen extra te besteden aan armoedebestrijding. Bijna de helft van deze kwijtschelding gaat het IMF nu opnieuw uitlenen.
Daags na de presentatie van de extra leningen, waarschuwde het IMF dat rijke landen zich te zwaar in de schulden steken om de recessie te bezweren. Duurzaam herstel zou hierdoor gevaar lopen. Helaas vergat het fonds die waarschuwing ook te geven aan haar eigen klanten: arme landen.

© Evert Nieuwenhuis