Lezing: Massamedia in de rest van de wereld
Het einde van de massamedia? Gelukkig niet in ontwikkelingslanden
Evert Nieuwenhuis
De Balie / InfoWarRoom, 8 juni 2007
De Balie / InfoWarRoom, 8 juni 2007
Met name in ontwikkelingslanden heeft het tijdperk van de massamedia zijn hoogtepunt nog niet bereikt. Gelukkig maar.
![]() |
| Reclame voor een Braziliaanse soap in China © Foreign Policy |
Maar laten we ook eens over onze dijken heen kijken. In ontwikkelingslanden, waar ongeveer vijf miljard van de 6,4 miljard mensen wonen, beleven massamedia nog altijd hoogtijdagen. Met verrassend positieve gevolgen.
Globalisering, het proces waarbij landsgrenzen vervagen, leidt tot een verrijking van het medialandschap, stelt het United Nations Development Programme (UNDP; 2003). Economische hervormingen, zoals het privatiseren van staatsmedia, en politieke hervormingen zoals het afschaffen van vrijheidsbeperkende perswetten, genereerden de afgelopen twee decennia meer onafhankelijke media met een groter bereik, stelt UNDP.
Opvallend genoeg is dit het gevolg van het beleid dat de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds de afgelopen twintig jaar met grote klem hebben geadviseerd aan arme landen. Laten we zeggen: advice they couldn’t refuse. Er is veel, heel veel aan te merken op het ‘neoliberale’ beleid van deze instellingen die de afgelopen twintig jaar globalisering in hoge mate hebben vormgegeven. Maar kennelijk heeft het ook iets goeds voortgebracht, zoals meer en betere media.
Ik citeer het traditiegetrouw behoorlijk linkse UNDP: “Deregulering en privatisering van mediamarkten heeft hen competitiever gemaakt en vaak gezorgd voor meer diversiteit en pluralisme – met name door de grootschalige penetratie van mondiale en regionale mediabedrijven, zoals CNN en Al Jazeera, op nationale markten,” schrijft UNDP.
En: “De meeste mensen hebben veel meer informatiebronnen (...) dan ze tien jaar geleden hadden.”
Met name in ontwikkelingslanden is de toegenomen diversiteit van kranten, radio- en televisiestations “spectaculair”, aldus UNDP. Het aantal krantentitels verdubbelde, het aantal radiostations verdrievoudigde en ook het aantal televisiestations nam explosief toe.
Meer media dus, net als in het Westen. Maar bereiken deze nieuwe media ook de massa’s? Cijfers van UNDP spreken boekdelen: de oplage van kranten en het bezit van televisie- en radiotoestellen nemen nog altijd hand over hand toe. Meer media, en meer mediaconsumenten.
Ik wil graag twee massamedia belichten die hun hoogtepunt in de rest van de wereld nog lang niet hebben bereikt: Arabische satellietzenders en soaps. Maar eerst wil ik over iets anders hebben: de penetratie van westerse massamedia in ontwikkelingslanden. Denk aan de toetreding van buitenlandse mediabedrijven tot de markten van arme landen of het uitzenden van westerse televisieprogramma’s in arme landen.
Dat massamedia tot machtsmisbruik kunnen leiden, en dat massamedia ook veel lelijke troep kunnen verspreiden, behoeft geen betoog. En dat arme landen hier extra gevoelig voor kunnen zijn, is eveneens een open deur.
Maar ik wil er vooral op wijzen dat het oprukken van westerse massamedia ook veel goeds brengt in arme landen.
Een mooi voorbeeld is de introductie van Star TV in India. Star TV is een bedrijf van Rupert Murdoch, de massamediamoloch die voor velen het toonbeeld is van een nietsontziende, commerciële mediatiran.
Murdoch’s satellietzender Star TV zond in India onder andere BBC World uit, een nieuwszender die we toch als betrouwbaar en objectief kunnen beschouwen. Voor de introductie van Star TV was BBC World niet te ontvangen in ’s werelds grootste democratie, India.
Wat wel te ontvangen was, was staatszender Doordarshan. Vriend en vijand waren het er wel over eens dat Doordarshan de landelijke verkiezingen van 1997 subjectief weergaf ten gunste van de heersende politieke partij. Maar dankzij Rupert Murdoch had de Indiase kiezer ook toegang tot betrouwbare, onafhankelijke berichtgeving over de verkiezingen, namelijk BBC World.
Wie had gedacht: Rupert Murdoch die democratie en vrijheid van meningsuiting een handje helpt in een ontwikkelingsland.
Danzij Murdoch gebeurde er nog iets. Zijn toetreding tot het medialandschap van India zorgde ook voor scheuren in het bastion van de staatsmedia. In 1998 werd staatszender Doordarshan verzelfstandigd en ontstond er ruimte voor andere dan alleen staatszenders.
We blijven nog even in India.
Een paar jaar geleden zapte ik vanaf mijn hotelbed in Bombay langs de Indiase televisiekanalen. Plotseling verscheen een vertrouwd beeld: het appartement van Will & Grace, u weet wel, de sitcom over een New Yorks vriendenstel.
Amerikanisering! hoor ik critici van globalisering al roepen. Inderdaad, en nu eens op een positieve manier.
Voor homo Will en hetero Grace is homoseksualiteit de gewoonste zaak van de wereld. Gezellig keuvelen en ginnegappen ze over de nieuwe knappe vriend van Will, en Will’s homoseksuele vrienden maken de meest flauwe grappen over homoseksualiteit.
In veel plaatsen in India is het openlijk uitkomen voor homoseksualiteit levensgevaarlijk. Voor Indiase homo’s is Will & Grace dan ook een zegen. Zouden de schandalig goed betaalde scriptschrijvers van Will & Grace ooit gedacht hebben dat zij een bijdrage zouden leveren aan de emancipatie van homo’s in India?
Goed, dan nu die twee massamedia die hun hoogtepunt nog moeten beleven: Arabische satellietzenders en soaps.
Sinds de tweede helft van de jaren negentig schitteren er naast westerse satellietzenders als CNN en BBC World, nieuwe sterren aan het firmament: Arabische zenders.
Van het kleine stadje Laayoune, gelegen op de meest westelijke punt van de Sahara, tot Ra’s al Hadd, de meest oostelijke plaats van Oman, kijken Arabieren naar dezelfde televisieprogramma’s. Al Jazeera, de bekendste van de ruim 150 Arabische satellietzenders, bereikt een massa waar elk westers medium stinkend jaloers op zou zijn: tussen de veertig en vijftig miljoen mensen.
In het westelijke Laayoune en het oostelijke Ra’s al Hadd vinden gelovigen nog altijd inspiratie bij hun lokale imams. Maar in toenemende mate ook bij dezelfde religieuze leiders op dezelfde satellietzenders. En in de theehuizen van Beiroet, Cairo en Bagdad worden dezelfde onderwerpen besproken, variërend van het Palestijnse conflict met Israël tot en met de oorlog in Irak.
Met andere woorden, de pan-Arabische satellietzenders doen wat alleen massamedia kunnen: het creëren van culturele eenheid door mensen dezelfde verhalen en beelden voor te schotelen. De satelliettelevisie heeft volgens het Britse tijdschrift The Economist, en ik citeer, “een begin gemaakt met iets dat vijftig jaar van speeches en gestes niet heeft kunnen doen: het verwezenlijken van de droom die Arabische eenheid heet”.
Arabische zenders als Al Jazeera en met name Al Arabiya hebben in het Westen een slechte reputatie. Ze zouden haat tegen het Westen prediken en radicalisme aanwakkeren. Deze zenders laten zich inderdaad niet altijd even vriendelijk uit over het Westen – maar ook niet over Arabische leiders. Vrijheid van meningsuiting is zeldzaam in de Arabische wereld. Alleen Irak en Libanon staan private omroepen toe op de nationale televisie, alle andere Arabische landen kennen alleen staatstelevisie. De Arabische satellietzenders trekken zich niets aan van overheidscensuur. Op Al Jazeera worden bijvoorbeeld felle en openhartige discussies gevoerd over vragen als “Zijn onze leiders niet het voorbeeld van corruptie, achterlijkheid en tirannie?” Een unicum in de Arabische wereld.
Ook op een andere manier dragen Arabische satellietzenders bij aan het verspreiden van lux & libertas. Democratie wordt door sommige Arabische leiders voorgesteld als iets typisch westers en dus verwerpelijks. Maar als Egyptenaren en Syriërs op hun televisie zien dat Irak en Beiroet vrije verkiezingen hebben, kan het moeilijker worden om die boodschap te verkopen.
Ironisch: nooit deden meer Arabieren mee aan vrije verkiezing dan de Idols-variant die de Libanese satellietzender Future TV in 2004 uitzond. Vijftien miljoen Arabieren konden voor het eerst in hun leven vrij kiezen.
Nog een voorbeeld: in Saudi-Arabië mogen vrouwen niet autorijden. Als zij op televisie zien dat in hun buurlanden islamitische vrouwen wél achter het stuur zitten, hebben ze een stok om hun onderdrukkers mee te slaan.
Maar de echte ster van de mondiale massamedia zijn soaps. ’s Wereld best bekeken televisieprogramma’s komen niet uit Hollywood of New York, maar uit São Paulo en Mexico Stad. De Zuid-Amerikaanse soaps – ook wel telenovela’s – betoveren kijkers van de Mongoolse steppe tot de Braziliaanse Amazone. Volgens het Amerikaanse tijdschrift Foreign Policy kijken zo’n twee miljard mensen naar telenovela’s – dat is een op de drie wereldburgers.
Niet alleen bieden deze melodrama’s verlichting door onbezonnen gezwijmel, ze zijn ook een punt van herkenning en zelfs bron van inspiratie voor ’s werelds minder bedeelden.
Ikzelf leerde de telenovela kennen op Cuba in 1994. In een slaperig stadje gebeurde ’s avonds klokslag zeven iets vreemds. Uit bijna alle open ramen kwam hetzelfde geluid: Cuba’s favoriete Mexicaanse telenovela begon. Onlangs was ik in Timboektoe, de legendarische woestijnstad in Mali. Ik zag drommen mensen zich vergapen aan een Frans nagesynchroniseerde Braziliaanse telenovela.
Omdat ze te fascinerend zijn om ze u te onthouden, neem ik graag een aantal feiten van de telenovela’s met u door.
- Telenovela’s veroveren de harten van kijkers in uiteenlopende landen als Kameroen, Polen, China, Indonesië, Servië, Cambodja, Rusland en de Filippijnen.
- De mondiale markt voor telenovela’s is zo groot, dat nu ook de grootste mediabedrijven als Sony hun eigen telenovela’s ontwikkelen.
- De Mexicaanse soap La Usurpadora (De plaatsvervangster) is een van de populairste telenovela’s en wordt in meer dan 120 landen vertoond. Zelfs de meest populaire Amerikaanse soap The Bold and the Beautiful (450 miljoen kijkers in 98 landen) heeft niet zo veel kijkers.
- In Abidjan (Ivoorkust) werd in 2002 tijdens de ramadan het gebed voor de moskee verschoven, zodat de gelovigen de laatste aflevering van Miramar niet hoefden te missen.
- In Rusland is de laatste aflevering van de Mexicaanse soap Los Ricos También Lloran (Ook de rijken huilen) het best bekeken televisieprogramma ooit. De soap werd in 1992 bekeken door zeventig procent van de bevolking.
- Wijlen Boris Jeltsin was in 1992 niet in de gelegenheid om op de nationale televisiezender om klokslag twaalf het nieuwe jaar in te luiden. De regering liet een opiniepeiling uitvoeren wie Jeltsin moest vervangen. De Russische bevolking koos Rogelio Guerra, een van de hoofdrolspelers van Los Ricos También Lloran, die vereerd de honneurs waarnam.
De opkomst van de soaps in met name ontwikkelingslanden is te verklaren door hun thematiek. Deels is die hetzelfde als in het Westen. Zoals een Colombiaanse telenovela-producer het uitlegde aan het Amerikaanse tijdschrift Foreign Policy (2005): “Een stel wil elkaar zoenen, maar de schrijver staat dat pas na tweehonderd afleveringen toe.”
Maar de thematiek is tegelijkertijd anders dan in het Westen. De hoofdpersonen komen niet uit een rijke familie, zoals in onze soaps als Dynasty of Goudkust. In de telenovela’s zijn de hoofdpersonen meestal de bedienden van die families. De verschoppelingen, degenen die ploeteren om in leven te blijven en daar eer in vinden. Niet voor niets heet een van de populairste telenovela Los Ricos También Lloran (Ook de rijken huilen). Een serveerster in Manilla verklaarde aan het blad Colors (2004) haar liefde voor Miramar, de hoofdpersoon in een gelijknamige Mexicaanse soap: “Ik houd van Miramar omdat ze dezelfde problemen heeft als wij. Ze is arm zoals wij, haar huis is afgebrand, ze hebben haar mishandeld en vernederd. Ze is bijna een Filippijnse.”
Kortom: massamedia hebben in Nederland, maar vooral in ontwikkelingslanden, nog altijd een glansrijke carrière voor de boeg. Gelukkig maar, want massamedia bieden wereldwijd meer verlichting dan wij vaak denken – als tranentrekker, maar ook als podium voor vrije meningsuiting.
Ik dank u voor uw aandacht.
Een bewerking van deze lezing verscheen op 8 juni 2007 in nrc.next.
© Evert Nieuwenhuis / www.evertnieuwenhuis.nl
















